De Valkuilen |
   Verhalen om van te leren...
* inhoudtips *

 

Waargebeurde verhalen door en voor uitvinders. Verhalen om van te leren.
Een aantal van deze voorvallen zijn kenmerkend voor de particuliere uitvinder.
Echter, ook bedrijven gaan de fout in en investeren bijvoorbeeld in ontwikkeling, terwijl ze zich beter eerst in de octrooiliteratuur of de wensen van de consument hadden kunnen verdiepen.

Bij een aantal stukjes zijn reacties van deskundigen opgenomen.

Inhoud

Allemaal tegelijk   
Bestaat al
  
Commerciële bemiddelaars
   
Geen buitenlandse bescherming tot publicatie Nederlands octrooi  
Ingehaald door de techniek 
De octrooigemachtigde en octrooionderzoek  
"Uitroken"  
ID-NL en octrooionderzoek  
Licentieovereenkomst uit concurrentieoverwegingen  

 


Allemaal tegelijk   

Eén maal in de zoveel tijd komt een uitvinder met een product op de markt waardoor vele andere aan het werk gaan. Deze trendvolgers beginnen uiteraard met een achterstand van maanden, zo niet jaren. Een aardig voorbeeld is de lekvrije tuitbeker. De kans dat U veel tijd en geld gaat steken in iets wat een ander al heeft bedacht is levensgroot. Vaak zal Uw oplossing "minder" zijn of heeft een ander al enkele maanden voor U octrooi aangevraagd op exact hetzelfde. Marketingtechnisch is Uw voorganger bovendien in het voordeel. U kunt wellicht meeliften op zijn succes maar hij heeft een voorsprong in de tijd en kan zijn product voor een scherpe prijs in de markt zetten om concurrentie te ontmoedigen. 

Concentreer U liever op zaken waar niemand anders zich mee bezighoudt.


Bestaat al...

Enige tijd geleden liet ik aan een aantal collega´s zien hoe eenvoudig men een verkennend octrooionderzoek kan doen via internet. Op tafel lag een tie-wrap (plastic klemband). Ik zag dat het octrooi juist was verlopen en realiseerde mij dat er kansen lagen. Een tie-wrap met een flapje eraan waar je iets op kunt schrijven, een tie-wrap met een plakkertje om snoeren onder het bureau weg te werken.... mogelijkheden te over.

Nog voor ik mij kon zetten aan een modelaanvraag zag ik in een opengebroken straat wat mannen bezig met kabels en tie-wraps... met flapjes.

Tip: enthousiasme is prima, euforie is heerlijk, maar blijf met beide benen aan de grond!! Voor een eenvoudig marktonderzoek gaat U eerst naar Blokker, naar  Prenatal, naar de Gamma. Pak de brochure van Overtoom den Dolder, kijk in de Wehkamp.. Doe octrooionderzoek via internet. Steek energie in het beantwoorden van de vraag: "Is het echt nieuw?" U kunt Uzelf wellicht een hoop tijd en geld besparen.


Commerciële bemiddelaars.

Een tijd geleden heb ik e-mails ontvangen van ruim een dozijn kerels die behoorlijke bedragen waren kwijtgeraakt aan commerciële bemiddelaars. Vaak tot wanhoop van hun echtgenoten..

Onderstaand mijn antwoord:

Er zijn commerciële bemiddelaars werkzaam op vele terreinen, in de modellenwereld, de muziek, en ook in onze tak van sport.

Een aantal werkt als volgt: 

Uurtarief: als ze denken dat Uw vinding een geringe kans van slagen heeft laten ze dat niet merken en vragen ze een hoog uurtarief. Ze kunnen natuurlijk direct zeggen: "Dat wordt niks." maar de kachel moet branden. De uitvinder is laaiend enthousiast over zijn eigen vinding en daar profiteren ze van. Deze mannen hebben niet bij Moeder Theresa op school gezeten.

No Cure No Pay: Als ze denken dat ze een grote kans van slagen hebben stellen ze voor: No Cure No Pay. Dat betekent dat U alléén hoeft te betalen als zij succes hebben (ze doen dit voorstel natuurlijk omdat ze het zo goed met U voor hebben). Ze vragen echter wel een hoog percentage van Uw royalty's. Dertig tot 50 procent is niet ongebruikelijk.
No Cure No Pay stellen ze natuurlijk alléén voor wanneer ze weten dat ze een grote kans op succes hebben. 
U kunt aan de hand van het betalingsvoorstel dus aardig inschatten wat Uw kansen zijn. 

Peter ten Berge

Commerciële bemiddelaars zitten er echt niet mee als U met Uw gezin een jaartje niet op vakantie kunt.

28/9/2000

Met bovenstaand verhaal wil ik niet zeggen dat álle commerciële bemiddelaars het best gemeden kunnen worden. Als U een vinding zelf kunt verkopen voor een halve ton en een commerciële bemiddelaar denkt er twee ton uit te kunnen slepen, mag hij boven een halve ton best 30% pakken.
Als een bemiddelaar voor zijn beloning afhankelijk is van zijn prestatie, zal hij beter werk leveren óf de handdoek in de ring gooien. Als hij op uurtarief werkt kan hij gewoon doorgaan als hij weet dat zijn kansen gering zijn. Hij wordt immers toch betaald.

Als U zelf absoluut géén verkoper bent en op No-Cure-No-Pay basis een onderhandelaar in de arm wilt nemen, kijk dan eens in de database van het Nieuw Innovatie En Uitvinders Web


Ingehaald door de techniek

Een Nederlandse uitvinder bedacht een systeem om groene stroom bij de supermarkt te kopen. Net als bij het prépaid telefoneren koopt de consument een kaartje waarop voor een bepaald bedrag aan groene stroom zit. Bij de kaart zit een certificaat waarop de consument kan zien waar exact de stroom is opgewekt. In het stopcontact zit een (dure) adapter waar de kaart wordt ingestoken. Op deze adapter zit een teller welke het resterend tegoed aangeeft. 

De octrooiaanvrage is ingediend op 12 november 1999. 
Inmiddels kan men door middel van één telefoontje overschakelen op groene stroom van een energiebedrijf naar keuze. 


Geen buitenlandse bescherming tot publicatie Nederlands octrooi (ingezonden)

Bij deze inzending is een reactie van een octrooigemachtigde geplaatst: "De algemene conclusie dat de derde de rechten in het buitenland heeft omdat hij Europees octrooi heeft aangevraagd voordat de materie van de uitvinder openbaar is geworden, is dus onjuist."

Denk niet dat je met een Nederlands octrooi automatisch safe zit in het buitenland!
Lees wat er kan gebeuren:

Je hebt een idee en vraagt er Nederlands octrooi op aan. Opgelucht dat je idee beschermd is vertel je het een en ander aan je commerciële "vriend", die het allemaal zal gaan verkopen.

Je weet niet dat hij toevallig een derde kent met verstand van patenten. De verkoper sluist zonder jouw medeweten de informatie door aan de derde en deze dient kort daarna een Europese aanvraag in, over jouw materie.

Ja, en met die verkopen wil het allemaal niet zo lukken. Je besluit zelf vanwege de tegenvallende belangstelling en de hoge kosten te wachten met een Europese aanvraag.

In het Nederlandse nieuwheidsonderzoek, later gedaan,  komt echter opeens de Europese aanvraag van de derde boven water, tot je schrik en ergernis zie je dat er zelfs geen moeite is gedaan om de tekeningen onherkenbaar te maken. Een samenwerking met die verkoper had je toch al niet meer. Belazeren bleek zijn vak.

Gevolg: Je mag je eigen machine niet meer verkopen in het buitenland!!! En daar blijkt nu net de meeste belangstelling te zijn, zo is gebleken nu je de verkoop zelf ter hand hebt genomen. Bovendien beweert die verkoper links en rechts dat je inbreuk maakt op zijn patent!

De gang naar een advocaat is snel gemaakt. Je kunt immers bewijzen dat je informatie aan de verkoper hebt verstrekt, en kunt stellen dat hij te kwader trouw is geweest. Opeisen dus!  De advocaat helpt je echter snel uit de waan: bewijs juridisch maar eens dat de verkoper de informatie aan de derde doorgespeeld heeft! De derde kan toevallig een blaadje opgevangen hebben dat op een winderige dag uit een raam zevenhoog is gewaaid of gewoon stellen dat hij de ideeën heeft gehad, jouw patent was toch nog niet openbaar?

Omdat de derde europees aangevraagd heeft voordat jouw materie openbaar geworden is heeft hij de rechten in het buitenland.

De moraal van dit verhaal:
 

  1. Wees die eerste periode, dat je patent nog niet openbaar is, ontzettend op je hoede
  2. Wees sowieso uiterst voorzichtig met figuren "met contacten in de markt"
  3. Denk nooit dat het niet Europees aanvragen van je patent je hoogstens alleen rechten kan kosten in andere landen.
  4. Het kan je een verbod opleveren voor je eigen gedachtegoed! - als iemand anders achter je rug om het in de tussentijd wel heeft gedaan in de niet openbaar periode van je octrooi!


was getekend Jack.

De reactie van Hans Mertens
Octrooigemachtigde
Exter Polak & Charlouis
www.epc.nl

In het Nederlandse nieuwheidsonderzoek KAN de Europese aanvrage van de bedrieger NIET opduiken, omdat hij nog niet is gepubliceerd (hij is later ingediend dan de Nederlandse aanvrage, en zal normaal gesproken ook later worden gepubliceerd). 
De uitvinder zal dus uit andere bronnen, of pas later, bij de publicatie van de Europese aanvrage kunnen merken dat de bedrieger zijn ideeën tracht te beschermen. Als de Nederlandse aanvrage nog in het prioriteitsjaar zit, kan de uitvinder zelf Europees aanvragen, en zal hij, en niet de bedrieger, het octrooi krijgen. De aanvrage van de bedrieger zal op grond van niet-nieuwheid worden afgewezen. De uitvinder heeft namelijk een eerdere prioriteitsdatum dan de bedrieger. Als de Nederlandse aanvrage al voorbij het priojaar zit, dan is opeisen de beste manier, en wel op basis van Art. 61 van het Europees Octrooi Verdrag. Het Europese octrooi mag dan nog niet verleend zijn. Uiteraard kan dat ook al in het priojaar. De uitvinder heeft volgens mij wel degelijk een ijzersterk bewijs van ontlening door de bedrieger in handen, namelijk zijn eigen Nederlandse octrooiaanvrage. Verder kan de "vriend" onder ede als getuige worden gehoord. Overigens heeft het bestaan van een Nederlands octrooi van de uitvinder, verleend op zijn octrooiaanvrage, tot gevolg dat de bedrieger geen octrooirechten kan krijgen in Nederland met zijn Europese octrooi. 

De algemene conclusie dat de derde de rechten in het buitenland heeft omdat hij Europees octrooi heeft aangevraagd voordat de materie van de uitvinder openbaar is geworden, is dus onjuist. Dat het heel wat geld en moeite zal kosten om de situatie terug te draaien, dat geloof ik graag.

Hans Mertens
Exter Polak & Charlouis
Rijswijk
www.epc.nl


Octrooigemachtigde en octrooionderzoek. 

Een onervaren uitvinder gaat, op aanraden van de NOVU, met zijn vinding in de binnenzak naar een zeer gerenommeerde octrooigemachtigde in Amsterdam.
De octrooigemachtigde onthaalt de uitvinder uiteraard met een uitstekende bak koffie en feliciteert hem met zijn vinding. Zonder dat het woord "octrooionderzoek" is gevallen gaat hij aan de slag en declareert enige tijd later FL 10.000,- Er was nog geen octrooionderzoek uitgevoerd.

Tip: Doe eerst octrooionderzoek via internet. 
Dat kan via de website Escpacenet. Elders op deze site vindt U een uitleg over de werking. Mocht U niets vinden, neem dan een dag vrij en ga dan naar de bibliotheek van het BIE in Rijswijk. Daar zitten prima mensen die U uitstekend zullen helpen. Zeg nou niet "dat kost mij een vrije dag", De kans dat U genoeg bespaart om een keer lekker op vakantie te gaan is ERG groot. 
De octrooigemachtigde kan dit onderzoek ook voor U uitvoeren. Hij doet het graag. Als Uw vinding al blijkt te bestaan bespaart U een hoop geld.
Octrooigemachtigden die lid zijn van de Nederlandse orde van Octrooigemachtigden zijn gehouden aan bepaalde codes. Mocht U desondanks toch klachten hebben, stelt U zich dan in verbinding met de Nederlandse orde van Octrooigemachtigden  


"Uitroken"

Een veelvoorkomende praktijk:

De uitvinder die in zijn spijkerbroek van dertig gulden met een mogelijke licentienemer gaat onderhandelen krijgt nee te horen. 
Het bedrijf in kwestie heeft de man ingeschat en neemt aan dat de
ze niet kapitaalkrachtig genoeg is om zijn octrooi uit te breiden naar Europa, Amerika en Japan. Het bedrijf heeft daar vestigingen. Na achttien maanden word het octrooi gepubliceerd en ziet het bedrijf dat de man zijn vinding alleen in Nederland heeft beschermd.
Vervolgens gaat de vinding in productie en verschijnt overal op de markt, behalve in Nederland. Als de uitvinder word benaderd voor een licentie in Nederland krijgt hij te horen dat hij "nog blij mag zijn".

Om dit soort praktijken te voorkomen dient de uitvinder in de geheimhoudingsverklaring een boeteclausule op te nemen.

TIP: U kúnt met het indienen van een octrooi wachten tot één dag voor U Uw eerste afspraak met een geïnteresseerde heeft. Hierdoor voorkomt U dat U snel in tijdnood komt. Of dit verstandig is verschilt van geval tot geval. Als Uw vinding een actueel probleem oplost is de kans groot dat er meer uitvinders aan werken en kunt U misschien beter níet wachten.


ID-NL en octrooionderzoek 

Het octrooionderzoek van ID-NL is onvolledig. Als U mocht besluiten Uw vinding te laten toetsen door ID-NL, gaat U er dan niet van uit dat ID-NL een volledig octrooionderzoek doet waardoor de nieuwheid van Uw vinding kan komen vast te staan.

Een vinding indienen bij ID-NL met als doel goedkoop een octrooionderzoek te laten uitvoeren acht ik zéér onverstandig.

Reactie ID-NL:

Inderdaad is het octrooi-onderzoek van ID-NL onvolledig maar ID-NL beweert ook niet dat het wèl volledig is. Ik zal dat voor alle zekerheid nader toelichten. Uitvinders krijgen van ID-NL een aanmeldingsformulier toegestuurd waarmee ze hun vinding bij ID-NL kunnen indienen om te laten toetsen. In de toelichting bij dat formulier is een hele alinea gewijd aan hoe die beoordeling door het panel van adviseurs van ID-NL in zijn werk gaat. Bij de vragen die het panel beantwoordt, staat onder meer of de vinding voor het panel nieuw is. In de alinea daaronder wordt uitgelegd dat "ID-NL voor het beoordelen van de nieuwheid van een idee, gebruik maakt van de parate kennis van de adviseurs. Als daar aanleiding toe is, zal ID-NL op eigen initiatief een beknopt onderzoek in de octrooiliteratuur uitvoeren. Dit onderzoek behoort echter niet tot de standaard behandeling."

We maken gebruik van de "parate kennis" van de adviseurs. We vragen dus aan de adviseurs of het idee bij hen bekend is, in welke vorm dan ook. Aangezien er weinig mensen op deze wereld zijn die alle ruim 30 miljoen verschillende octrooipublicaties hebben bestudeerd en tot hun parate kennis kunnen rekenen, is het duidelijk dat als een vinding niet bij onze adviseurs of externe deskundigen bekend is, dit nog niet betekent dat het dus nieuw is en nog nooit eerder bedacht is.

ID-NL voert "op eigen initiatief een beknopt onderzoek in de octrooiliteratuur uit" . Waarom op eigen initiatief? Omdat wij een professionele organisatie zijn en omdat wij zelf wel kunnen bepalen wanneer een octrooionderzoek nodig is. Het panel kan een vinding afwijzen om functionele redenen (het werkt niet, het is niet handig) of om commerciële redenen (het werkt niet beter of het is niet handiger of het is duurder dan de alternatieven die al bekend of beschikbaar zijn) en wij vinden het dan niet meer nodig om een octrooionderzoek uit te voeren naar het wel of niet nieuw zijn. Zoals hiervoor al gezegd is: wij zijn een professionele organisatie, wij moeten de ons beschikbare tijd zo efficiënt mogelijk gebruiken. Wij zijn geen hobbyisten die octrooionderzoeken uitvoeren voor ideeën waarvoor dat ons inziens niet nodig is. Vandaar dat een octrooionderzoek niet tot onze "standaard behandeling" behoort. Omdat echter veel uitvinders denken dat wij wèl standaard een
octrooionderzoek uitvoeren, hebben wij expliciet in de toelichting vermeld dat wij dat niet doen. Als wij in het kader van deze eerste toetsing een octrooionderzoek uitvoeren, dan is dat altijd een beknopt onderzoek, bedoeld om na te gaan of de vinding niet direct terug te vinden. Immers, als bij de eerste check van de octrooiliteratuur, het idee voor een belangrijk deel al gevonden wordt, dan is de kans om hiervoor nog effectieve bescherming te krijgen, zeer klein. En als die kans erg klein is, dan is de kans op commercialisering, verkopen of het licentie geven van het idee, navenant erg klein. Voor fl. 295,00, de bijdrage die indieners betalen voor de behandeling van hun idee, kan geen uitgebreid octrooionderzoek gedaan en uit de contacten met de ruim 700 indieners per jaar blijkt dat zij dit standpunt alleszins redelijk vinden. Wij vertellen ze ook dat de uiteindelijke toetsing van het idee plaatsvindt door het idee onder geheimhouding aan bedrijven aan te bieden en dat bij die uiteindelijke toetsing dan inderdaad kan blijken dat het idee niet meer nieuw is. Het kan zijn dat het idee al bij het bedrijf bekend is (op grond van de geheimhoudingsverklaring krijgen we daar altijd een bevestiging van), maar het kan ook zijn dat het bedrijf een uitgebreid octrooionderzoek laat uitvoeren (soms door ID-NL, soms doen ze dat zelf of vragen ze het aan bij de octrooiaanvraag) en dat dan blijkt dat het idee al eerder bedacht is.

Overigens voert ID-NL ook uitgebreide onderzoeken in de octrooiliteratuur uit. Een dergelijk onderzoek kost vanaf fl. 2.500,00 (excl. BTW). Echter, ook van deze octrooionderzoeken wordt door ID-NL expliciet gesteld dat dit "géén nieuwheidsonderzoek is zoals dat wordt verricht door het Bureau voor de Industriële Eigendom omdat zo'n nieuwheidsonderzoek, gedaan door het Bureau IE, veel uitgebreider is."

Eelco Theuvenet
ID-NL,  afdeling Productbeoordeling


Licentieovereenkomst uit concurrentieoverwegingen 

Het gebeurt regelmatig dat uitvinders een licentieovereenkomst krijgen aangeboden uit concurrentieoverwegingen. Uitvinders die genoegen nemen met een leuk bedrag ineens en "een dubbeltje per stuk" komen na enige tijd wel eens tot de conclusie dat de licentienemer het erom te doen was een nieuw product van de markt te houden. In een licentieovereenkomst moeten altijd ontbindende clausules zijn opgenomen!

Bijvoorbeeld: "Indien licentienemer niet binnen een jaar na ondertekening de productie van de vinding ter hand neemt kan de overeenkomst worden ontbonden."

Of: Indien licentienemer niet in het tweede jaar na ondertekening van de overeenkomst een verkoop realiseert van tenminste xxx stuks in België, xxx stuks in Duitsland etc... verliest hij in voornoemde landen zijn exclusiviteit.  

Ook kan in de overeenkomst een minimumbedrag op jaarbasis aan royalty's worden overeengekomen.


Tips

Laat de tegenpartij altijd een legitimatiebewijs overleggen.


[ disclaimer ]

[ naar boven ]
[ startpagina ]